stichting tot behoud buitengebied Wijnjewoude en omstreken                2004 a      vorige     zie ook    begin

gedeputeerde staten antwoorden stichting
Gedateerd op 24 februari 2004 reageert Gedeputeerde Staten van Friesland op de visie die de stichting op 9 januari per brief onder de aandacht bracht. Kortheidshalve wordt die als volgt samengevat:

brief aan B&W Heerenveen
In een brief van 8 januari 2004 aan burgemeester en wethouders van de gemeente Heerenveen reageert de stichting op een brief die dat college op 19 december 2003 zond aan het college van GS van Fryslân. De stichting wijst er daarin onder andere op, dat 'ons bij voortduring werd voorgehouden, dat het al dan niet verdubbelen van het tracé Drachten - Donkerbroek politiek onbespreekbaar is'.
De stichting herinnert er ook aan dat in de MER-studie selectie en inkadering van 1 augustus 2003  de auteurs bovendien stellen (blz. 16 onder 3.5) dat ook de
verdubbeling op het traject Drachten-Donkerbroek, gezien de verkeersintensiteit, niet nodig is als je rekening houdt met de completering van de Zuidtangent Groningen en het knooppunt Lankhorst bij Meppel.
De verkeersintensiteit schommelt, zo wordt in deze studie van 1 augustus gesteld, in 2015 rond de kritische grens van 15.000 mvt/etm (motorvoertuigen per etmaal). De Projectnota inspraakreacties van 30 oktober 2003 zegt dat de cijfers van 2015 aanleiding vormen om voor dit deeltraject rekening te houden met een dubbelbaanstracé en dat daarin Groningen en Lankhorst al zijn meegenomen. De visie van 30 oktober staat dus lijnrecht tegenover die van 1 augustus, aldus de stichting. (19-01)

1 Nooit de mogelijkheid van een enkelbaans weg van 100km/
   uur op het traject Drachten--Donkerbroek is onderzocht.
2 Onderbouwing verwachte intensiteit in 2015 op het traject
   Drachten -- Donkerbroek.
3 In hoeverre is hier sprake van procedurefouten in relatie tot
  gemeente Heerenveen.
4 U neemt geen genoegen met de simpele mededeling dat
   landschapsdeskundigen vinden dat een dubbelbaans weg op
   hoog niveau ingepast kan worden in het landschap.
5.Niet onderzocht wat de geluidshinder is voor de bevolking
   van Wijnjewoude bij een enkelbaans weg op maaiveldniveau
   met geluidsschermen

Ad l.
In de loop van de studie is duidelijk naar voren gekomen dat op het deeltraject Drachten -- Donkerbroek de verkeersintensiteit in 2015 ruimschoots in het gebied ligt waarin een dubbelbaans weg dient te worden overwogen. In de zomer en herfst van 2002 is hierover uitgebreid gediscussieerd. Op basis van deze uitkomst heeft Provinciale Staten op 18 december 2002 besloten voor dit traject te kiezen naast de wettelijk voorgeschreven alternatieven (0, 0+ en Meest Milieuvriendelijk Alternatief (MMA)), voor twee hoofdalternatieven, beide uitgaande van een dubbelbaans uitvoering (2x2 rijstroken).
Ad2.
Bij de berekening van de verkeersprognoses is lang stil gestaan bij de toekomstige regionale ontwikkelingen zeker in relatie tot wanneer deze in tijd zullen worden gerealiseerd. Een voorbeeld hiervan is de aanleg van de zuidtangent in de stad Groningen en de completering van het knooppunt Lankhorst bij Meppel. Bij de prognose hebben we met de realisatie van deze projecten rekening gehouden, zoals steeds naar voren is gebracht met dien verstande dat Lankhorst in de prognose tot 2015 is meegenomen en de zuidtangent in de prognose van 2030. Echter nu beseffen wij waardoor er voortdurend misverstand is ontstaan. In het deelrapport 'Selectie en Inkadering' is een verkeerde tekst opgenomen op bladzijde 14. De tekst heeft betrekking op een optie voor realisatie na 2015, maar hier is niet voor gekozen. De intensiteiten in tabel 3.1: Verwachte verkeersdruk N381

in 2015, uitgedrukt in mvt/etm in het rapport op bladzijde 13 zijn daarom juist. Onze welgemeende excuses hiervoor. In de Projectnota MER N381, inspraakreactie adviezen en aanvulling zal dit worden vermeld.
Ad3.
Ten aanzien van de gemeente Heerenveen zijn geen procedurefouten gemaakt. Op ambtelijk niveau zijn verhelderende gesprekken gevoerd omtrent de motivatie van de keuze. Binnenkort komt de gemeente met een bestuurlijke reactie.
Ad4.
Bij de presentatie van de plannen afgelopen decembermaand zijn voorbeelden aangedragen hoe het tracé landschappelijk ingepast kan worden. Bij het uitwerken van het voorkeurstracé zal hier nader op worden ingezoomd. Dit zal uiteraard teruggekoppeld worden met de bevolking.
Ad5.
Een dergelijk tracé is niet in beeld geweest voor geluidsberekeningen omdat de aansluitende wegen dan ongelijkvloers moeten kruisen met alle nadelen voor de omringende bebouwing die dan niet meer bereikbaar zijn. Hierdoor moeten er veel woningen worden geamoveerd.

Wij hopen u voldoende te hebben geïnformeerd.
Gedeputeerde Staten van Fryslân,  voorzitter,  loco-secretaris

vierde nieuwsbrief stichting, januari 2004
Verheugd onderschrijft de stichting tot behoud buitengebied Wijnjewoude en omstreken in haar vierde nieuwsbrief aan de achterban de visie van de gemeente Heerenveen waaruit de bijzondere betekenis blijkt van het grensgebied van die gemeente met die van Ooststellingwerf. De stichting haalt daarin ook het door de gezamenlijke gemeenten van Zuidoost Fryslân ontwikkelde landschapsbeleidsplan aan.     
Dat landschap heeft vele gezichten, aldus dat plan 'en is anders dan de rest van de provincie. Het is een podium van de geschiedenis van Friesland en de eigenzinnige Stellingwerven: van Wolden tot Veenen. De afwisseling van besloten landschappen en vergezichten, de band tussen het land en de bewoners en de droge en natte natuurgebieden maken het plangebied
tot een uniek gebied'. Dat gebied wordt momenteel bedreigd door de plannen van een vierbaansweg autoweg van Drachten naar Donkerbroek als opgewaardeerde N 381. De gemeente Heerenveen werd daar kennelijk bij brief van 18 november 2003 door Gedeputeerde Staten van op de hoogste gesteld. B&W schrijven op 19 december terug nog geen antwoord te kunnen geven over het voorstel van het voorkeurstracé waarover GS op 20 januari zouden beslissen. Ze vragen GS dan ook om uitstel.
Inmiddels heeft de stichting antwoord ontvangen van GS op haar verzoek van vorig najaar om ook de beslissing tot de aanleg van een vierbaans autoweg tussen Drachten en Donkerbroek te herzien. GS gaat daar niet op in en meldt de stichting op 16 december, dat 'haar standpunt voldoende bekend is'. Met spijt wordt daarvan kennis genomen en de stichting laat GS weten dat ze meent recht te hebben op een inhoudelijk antwoord op door de stichting geconstateerde spanningen in de MER rapportages. Dat gaat met name om het verwachtte verkeersaanbod waarover de MER studie zichzelf tegenspreekt. De meest sprekende exponent van het niet redelijkerwijs ingaan op visies noemt de stichting dat de mogelijkheid van een tweebaans 100 km weg tussen Drachten en Donkerbroek nooit is onderzocht. 

voorkeurstracé op 10 maart vastgesteld
Op 10 maart 2004 heeft het College van Gedeputeerde Staten
het voorkeurstrace vastgesteld:
vier baans van Drachten tot Donkerbroek, dan 2 baans onder de vaart door en bij Oosterwolde terug naar het oude tracé.

gebiedsvisie op Zuidoost Fryslân met rechtsboven bij Drachten structuur ondersteunde laanbeplanting langs de N 381, idem langs N 351 Oosterwolde Wolvega en gedeeltelijk langs N 381. Duidelijk zijn de vier besloten dekzandruggen van oost naar west zichtbaar.

top